Alternatieve niet-juridische aanpak
18.12.2007
Dossier: Goederen en diensten
Alternatieve niet-juridische aanpak
Alléén juridische aanpak van horecadiscriminatie heeft weinig effect. Het is daarom belangrijk bij de aanpak van horecadiscriminatie voortdurend alle belanghebbende partijen, zoals ondernemers, brancheorganisaties, gemeente, Politie en ADB's, erbij te betrekken en daarnaast bekendheid bij burgers te verhogen met het gebruik van klachtregelingen. Hieronder een aantal mogelijkheden om horecadiscriminatie effectief tegen te gaan.
Gedragscode
In 1993 heeft het Bedrijfschap Horeca een gedragscode opgesteld. Dit had te maken met de vele ernstige klachten binnen de horeca. De code is in 1999 bijgesteld. Het doel van de gedragscode is het bestrijden en voorkomen van rassendiscriminatie in de hotel-, recreatie- en cateringbranche. Daarnaast voorziet de code tevens in een klachtprocedure voor slachtoffers. Bezoekers van horecagelegenheden kunnen hun klachten over het gedrag van portiers en/of horecaondernemers indienen bij het Meldpunt Rassendiscriminatie van het Bedrijfschap Horeca.
Convenanten
In een aantal steden zijn er convenanten tot stand gekomen tussen de gemeente, de politie, horecaondernemers en ADBs zoals in Amersfoort, Breda, Enschede, Gouda, Lelystad, Rotterdam, Tilburg, Utrecht en Zaanstad. De meeste convenanten richten zich op het veiligheidsaspect tijdens uitgaan met daarbij aandacht voor alcoholgebruik, drugsgebruik en overlast.
In sommige steden is er voor gekozen om de aanpak van discriminatoir deurbeleid als onderdeel van het veiligheidsbeleid op te nemen. In andere steden is gekozen om discriminatoir deurbeleid in een zelfstandig convenant neer te leggen. In een convenant moet in ieder geval worden opgenomen dat in het toelatingsbeleid van de horecaondernemer de criteria duidelijk en bekend moeten zijn. Uiteraard mogen deze criteria niet discriminerend uitwerken.
Panel Deurbeleid
Het beleid gaat uit van een samengesteld commissie (panel) waarin de partijen gelijkelijk vertegenwoordigd zijn en waar klachten kunnen worden voorgelegd en die een integrale aanpak hanteert. In dit panel zitten vertegenwoordigers van de Koninklijke Horeca Nederland, ondernemers, Politie en gemeente.
In veel grote steden is er nu een panel deurbeleid ten behoeve van het tegengaan van discriminatie in horecagelegenheden. Een helder deurbeleid bij horecagelegenheden zou discriminatie moeten voorkomen. Uit diverse informatie is gebleken dat steeds meer horecaondernemingen hun deurbeleid gaan vastleggen, om discriminatie bij de deur te voorkomen. Horecaondernemingen kunnen bezoekers weigeren op basis van kleding, gedrag en kredietwaardigheid.
Er zijn in verschillende steden een aantal deelnemende horecaondernemers die duidelijk maken welke regels ze hanteren. Die regels moeten ze duidelijk zichtbaar bij de ingang ophangen. Wordt een bezoeker geweigerd, dan moet hem of haar meegedeeld worden op welke grond dat gebeurt. Horeca-exploitanten nemen op vrijwillige basis deel aan het initiatief. Daarnaast dient het deurbeleid transparant en controleerbaar te zijn.
Met transparante en controleerbare regels aan de deur kunnen bezoekers immers direct beoordelen of zij op de juiste gronden zijn geweigerd.
Om het deurbeleid uit te voeren werd op 25 maart 2002 gelijktijdig met de ondertekening van het convenant een panel deurbeleid opgericht in Rotterdam.
Het Panel Deurbeleid heeft twee functies:
1) Het beoordelen van het deurbeleid van individuele horecaondernemers.
2) Het onderzoeken van klachten over vermeende discriminatie in de horeca 1:].
Voor meer informatie: dossier Panel Deurbeleid.
1 Tussen doorbitches en uitsmijters, 2005, Radar Rotterdamse Anti-Discriminatie Actie Raad






