EU-rapport ethnic profiling
09.02.2007
Dossiers: Europa en mensenrechten, Politie en justitie
Het EU Netwerk van Onafhankelijke Experts inzake Fundamentele Rechten onderzoekt in opdracht van de Europese Commissie de stand van zaken rond mensenrechten in de EU. Hieronder de belangrijkste punten uit het oordeel van het Netwerk over ethnic profiling in Europa uit december 2006.
Definitie
Ethnic profiling is het stelselmatig classificeren van personen op grond van hun ras, etniciteit, nationaliteit of religie en het handelen aan de hand van die classificatie.
Ethnic profiling is onwettig
Raciale en etnische persoonskenmerken systematisch laten meespelen bij het maken van strafrechtelijke besluiten, is zonder twijfel discriminerend, omdat:
- het causale verband tussen ras, etniciteit, nationaliteit of religie met de neiging tot het vertonen van bepaald crimineel gedrag, nooit is aangetoond en
- het principe van non-discriminatie inhoudt dat alléén in uitzonderlijke gevallen ras, etniciteit, nationaliteit of religie van invloed mag zijn op de beslissing hoe iemand wel of niet te behandelen. Dit staat vastgelegd in artikel 14 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) en in de conclusies van de Internationale Conventie ter Uitbanning van Alle Vormen van Rassendiscriminatie.
Ongelijke behandeling op grond van etniciteit moet onder elke omstandigheid als onwettig worden beschouwd, omdat:
- het verdeeldheid en verontwaardiging veroorzaakt;
- het stereotypering stimuleert en
- het kan leiden tot het onrechtvaardig interpreteren van gedrag als crimineel.
Kans op ethnic profiling toegenomen
De kans op discriminatie in het handelen van het justitieapparaat is de laatste jaren toegenomen. Dit door de toename van immigratie en de verandering van bevolkingssamenstellingen en door het verscherpte veiligheidsbeleid en de antiterrorismemaatregelen. Deze werken anti-Arabische of anti-islamitische gevoelens, of, als reactie daarop, antisemitische gevoelens in de hand.
Daarom heeft het Comité ter Uitbanning van Alle Vormen van Rassendiscriminatie in 2005 een Algemene Aanbeveling aangenomen die discriminerend handelen door het justitieapparaat moet tegengaan. In de Aanbeveling staat dat EU-lidstaten de nodige stappen moeten ondernemen om ondervragingen, arrestaties en onderzoeken van personen te voorkomen die in werkelijkheid louter zijn gebaseerd op de uiterlijke verschijning van een persoon of andere profielen die iemand meer verdacht maken dan geoorloofd.
Bestrijding ethnic profiling verbeteren
Om mensen te beschermen tegen ongelijke behandeling, moet het gedrag van de politie onder toezicht komen te staan en worden geregistreerd. Het is echter lastig om aan te tonen dat discriminatie aan de grondslag ligt van bepaald gedrag van de politie. Uit onderzoek blijkt dat ethnic profiling vaak onbedoeld en onbewust gebeurt. Daarom zou alleen indirect bewijs ethnic profiling kunnen aantonen.
Omdat de Europese privacywetgeving geen bezwaren oplevert voor het gebruik van gegevens die het discriminatoire gedrag van ordehandhavers aantonen, is de mogelijkheid daar om het toezicht op het handelen van de politie te verbeteren.
In veel EU-lidstaten hebben ordehandhavers veel bevoegdheden om naar eigen inzicht te handelen in de uitvoering van bepaalde taken. Voorbeelden van deze taken zijn identiteitscontroles, stop and search-activiteiten en proactieve onderzoeken naar personen die beschouwd worden als mogelijk gevaar voor de openbare orde en veiligheid. In 2006 oordeelde het Constitutioneel Hof van Slovenië dat er voldoende specifieke richtlijnen moeten zijn over hoe en in welke situaties ordehandhavers hun bevoegdheden mogen gebruiken. Dit conform het principe van rechtmatigheid en om het risico op willekeur te vermijden. Het Europees Hof van de Rechten van de Mens deelt dit standpunt, zoals vastgelegd in artikel 5 van de Europese Conventie van de Rechten van de Mens.
Een wettelijk kader dat burgers adequaat moet beschermen tegen het risico op ethnic profiling in het politie- en justitieveld, moet:
- ethnic profiling duidelijk verboden stellen, zodat aanwijzingen gerelateerd aan ras, etniciteit, nationaliteit of religie, niet mogen worden gebruikt als bewijs van volmacht voor crimineel gedrag, zowel niet in het algemeen als in het kader van terrorismebestrijding;
- de bewijsvoering bevorderen dat politie en justitie zich schuldig maken aan ethnic profiling door in het toezicht het gebruik toe te staan van gegevens die het discriminatoire gedrag van deze autoriteiten aan het licht brengen, voor zover dat in overeenstemming is met de privacywetgeving;
- met de grootst mogelijke nauwkeurigheid de voorwaarden vastleggen waaronder ordehandhavers hun macht mogen uitoefenen bij onder meer identiteitscontroles en stop and search-activiteiten en
- elk gedrag bestraffen dat neerkomt op ethnic profiling, niet alleen met strafrechtelijke maatregelen, maar ook (of in plaats daarvan) met andere middelen, zoals civiele remedies (bijvoorbeeld een schadevergoeding aan het slachtoffer wegens wanprestatie of onrechtmatige daad), of disciplinaire straffen.
Stelselmatig classificeren
Als het gaat om het classificeren van personen op grond van hun ras, etniciteit, nationaliteit of religie door ordehandhavers, gebeurt dat meestal niet stelselmatig. Vandaar dat het zo moeilijk is om aan te tonen. Maar er zijn uitzonderingen. De operatie op basis van profielschetsen die zich in Duitsland ontvouwde van eind 2001 tot begin 2003 bleek wel zon systematische classificatie in te houden. Het Duitse Federale Constitutionele Hof oordeelde in 2006 dat dit niet conform was met het individueel fundamentele recht op informationele zelfbeschikking.
Politieautoriteiten en openbare aanklagers probeerden bij deze operatie de kring van mensen te verkleinen die moest worden geobserveerd om potentiële verdachten van ernstige criminele activiteiten op te sporen. Dit deden zij door persoonlijke gegevens na te gaan van particulieren uit algemene registratiedata (zoals naam, adres, geboortedatum en -plaats) gecombineerd met aanvullende gegevens uit andere registratiedata (zoals een schoolregistratie waarin religie, politieke voorkeur, studierichting, etc. staat vermeld). Het Hof achtte deze wijze van automatische informatieverwerking alleen toegestaan als het een reactie is op een specifiek gevaar voor de openbare orde en/of individuele rechten.
Conclusies
De conclusies van het EU Netwerk van Onafhankelijke Experts inzake Fundamentele Rechten over de praktijk van ethnic profiling in de EU-lidstaten:
- De vele bevoegdheden om naar eigen inzicht te handelen bij bijvoorbeeld stop and search-activiteiten en het gebrek aan toezicht op het gedrag van de politie, zijn zeer problematisch, omdat ze een sfeer van straffeloosheid binnen de politie creëren en van machteloosheid, maar ook van verontwaardiging, bij de betreffende minderheden.
- De rol van de ordehandhaving in de handhaving van immigratieregels rechtvaardigt in de meeste gevallen het halt houden van personen op grond van hun etniciteit.
- Na 11 september 2001 werd een proactief beleid sterk aanbevolen om de terrorismedreiging effectief tegen te gaan. Sindsdien wordt dit beleid ook toegepast tegen andere vormen van georganiseerde misdaad. Dit leidt ertoe dat de politie (profielschets)methodes ontleent van veiligheidsdiensten, waardoor het risico van discriminerend handelen door de politie aanzienlijk stijgt.
Zie hieronder voor het volledige Engelstalige EU-rapport over ethnic profiling in pdf.






