Reactie op kritiek Elsevier
26.06.2006
Activiteit: Monitor Rassendiscriminatie
Op 20 juni 2006 stuurde het LBR (nu Art.1) een ingezonden brief naar Elsevier over de kritische reactie van Elsevier op de Monitor Rassendiscriminatie 2005. De ingezonden brief werd niet geplaatst. Hieronder vindt u een link naar de reactie van Elsevier en de tekst van de ingezonden brief van het LBR.
Met verbazing heeft het LBR kennis genomen van de reactie van 14 juni 2006 van Elsevier op de Monitor Rassendiscriminatie 2005. Volgens Elsevier maakt de monitor van autochtoon Nederland de boeman, diverse groepen immigranten zouden de rol van slachtoffer krijgen toebedeeld. Ook zou de monitor de even paradoxale als pontificale conclusie trekken dat rassendiscriminatie vrijwel onzichtbaar is èn een omvangrijk probleem. Het meest ergerlijk vindt Elsevier het echter dat de monitor geen opgewekter beeld geeft over rassendiscriminatie in Nederland.
Onderzoek
Allereerst is het wellicht zinvol er nog eens op te wijzen dat de Monitor Rassendiscriminatie 2005 niet geschreven is op basis van een vooropgezet scenario waarin vrijelijk rollen van daders en van slachtoffers aan bepaalde bevolkingsgroepen worden toebedeeld. Het is niet op basis van wensgedachten maar op basis van onderzoek dat de monitor concludeert dat discriminatie tot op heden het meeste wordt gepleegd door autochtone en het vaakst is gericht tegen allochtone Nederlanders. Op basis van onderzoek geeft de monitor eveneens aan dat het aantal meldingen stijgt waarin autochtone Nederlanders discriminatie aangeven die gepleegd is door allochtone Nederlanders. De rol van dader of van slachtoffer is in werkelijkheid helaas onder beide bevolkingsgroepen aan te treffen.
Paradox
De conclusie van de monitor dat rassendiscriminatie vrijwel onzichtbaar is èn tegelijk een omvangrijk probleem, is inderdaad paradoxaal maar heeft, zoals iedere echte paradox betaamt, een logische achtergrond. Onderzoeksgegevens wijzen ondermeer uit dat de meeste mensen die discriminatie ervaren daarvan geen melding doen. Deden zij dit wel dan zou de werkelijke omvang van rassendiscriminatie beter zichtbaar zijn èn, helaas, groter.
Gezellig
Meest opmerkelijk is de ergernis van Elsevier dat de Monitor Rassendiscriminatie 2005 geen opgewekter beeld afleidt uit de cijfers over rassendiscriminatie. Men kan inderdaad van mening verschillen of het opwekkend is of zorgelijk dat de meerderheid van de Turken, Surinamers en Antillianen zegt geen discriminatie te ervaren en 50% van de Marokkanen wel. [De multi-etnische samenleving] is niet gezellig, vindt Elsevier, Vooroordelen, minachting voor elkaars zeden en opvattingen, afkeer van de ander, het hoort er domweg allemaal bij. Dat is een standpunt. Maar betekent dit ook dat men klakkeloos moet aanvaarden dat mensen uit verschillende bevolkingsgroepen elkaar wederzijds discrimineren? Is dit wat Elsevier bedoelt wanneer ze aan het slot van haar reactie concludeert dat het LBR zichzelf beter op kan heffen, want haar missie om rassendisriminatie te bestrijden, die is dus wel behoorlijk mislukt.
Interpretatie
De vraag is simpel: stop je met de jaarlijkse tandartscontrole wanneer slechts een tand een gat vertoont? Is de gezondheidszorg in een land in orde wanneer 50% van de patiënten met een gebroken been weer kunnen lopen en de rest blijvend thuis in een rolstoel zit? Het LBR is van mening dat rassendiscriminatie, ongeacht de mate waarin het voorkomt, bestreden moet worden. Maar het LBR is ook verheugd wanneer de cijfers dalen, al doen ze dat op dit moment over de gehele linie níet. En ja, het LBR is zich beducht dat ze geen doemscenarios moet schetsen. Daarom hebben het LBR en de onderzoekspartners de opdracht van het ministerie van Justitie om een monitor samen te stellen uitermate serieus genomen. Wetenschappelijk onderzoek is iets anders dan zoeken wat je vinden wilt. Interpretatie van resultaten is iets anders dan het op papier zetten van een mening. Maar dat wil niet zeggen dat wat uit de resultaten spreekt niet gehoord mag worden. Wanneer 50% van de Marokkanen, iets minder dan de helft van de Turken, 40% van de Surinamers, 37% van de Antillianen èn 2% van de autochtone Nederlanders zeggen discriminatie te ervaren, vindt het LBR deze cijfers in alle gevallen te veel.
Beatrijs van Agt
LBR, 20 juni 2006






