Het proces tegen Mohammed B, 2005
Activiteit: Lesmateriaal antidiscriminatie
Algemeen
Het proces tegen Mohammed B. Een handreiking voor de discussie op school is geschreven door de socioloog Herman Vuijsje in opdracht van de gemeente Amsterdam. De brochure telt 12 paginas waarbij tekst wordt afgewisseld met tekeningen, gravures en fotos. In aparte kaders worden bijzonderheden uit de geschiedenis van het strafrecht uitgelicht.Op een apart inlegvel staat een aantal verwerkingsvragen. De brochure is verschenen in de zomer van 2005.
Er wordt niet vermeld voor welke leeftijdsgroep de brochure is bestemd.
Beoordeling van het onderwijspanel
De teksten in de brochure zijn helder geschreven en geven achtergrondinformatie bij de geschiedenis van de Nederlandse rechtsstaat. Dit helpt vooral docenten om het proces tegen Mohammed B. in een kader te plaatsen. De teksten zullen voor veel leerlingen zelf te moeilijk en/of te langdradig zijn. Het zijn vooral de meer taalvaardige leerlingen in de bovenbouw van het VO en in het MBO die met deze teksten uit de voeten kunnen. Het zou goed geweest zijn als er een aparte leerlingenversie van de brochure geschreven was.
Een duidelijke opbouw van de tekst ontbreekt. Het geheel valt uiteen in vier delen: een inleiding over straf door de eeuwen heen, het proces tegen Mohammed B., de verschillende stadia in een strafproces en een verhandeling over de Nederlandse Grondwet.
De brochure kiest de geschiedenis van de rechtsstaat als kader om het proces tegen Mohammed B. te bespreken. Het is de vraag of dit aansluit bij de commotie die in de samenleving, en dus ook op scholen, is ontstaan rondom het proces. Er wordt te gemakkelijk verondersteld dat kennis van de Nederlandse rechtsstaat zal leiden tot een constructieve discussie in het klaslokaal.
In de brochure worden belangwekkende themas besproken zoals vrijheid van godsdienst, vrijheid van meningsuiting, extremisme en het misbruik dat gemaakt kan worden van de Nederlandse grondrechten. Hierbij wordt echter geen link gelegd naar de feitelijke situatie. Werd er misbruik gemaakt van de Nederlandse grondrechten? Zo ja, door wie?
Ook op andere gebieden blijft de brochure op de vlakte. Zo wordt er relatief weinig aandacht besteedt aan de rol die Justitie en de AIVD spelen in het proces. Ook internationale ontwikkelingen, zoals de Amerikaanse president Bush die Mohammed B. in één van zijn toespraken citeerde, blijven buiten beschouwing. De vragen bij de brochure zijn te breed en algemeen om het proces goed te kunnen bespreken in de klas. Zo is de vraag Beschrijf het proces tegen Mohammed B. eigenlijk ondoenlijk voor leerlingen uit het voortgezet onderwijs.
De website Zestienmiljoenrechters.nl (nu niet meer on-line) die in de brochure wordt aanbevolen is wel zeer geschikt om inzicht te krijgen in de Nederlandse rechtspraak. De website is overzichtelijk en in relatief korte tijd kan een bezoeker veel te weten komen. De concrete cases spreken leerlingen aan en de site laat zien dat rechtspreken ingewikkelder is dan je denkt.
Conclusie
Het is een goed idee om docenten een handreiking te bieden bij het bespreken van het proces tegen Mohammed B. op school. Deze brochure is vooral geschikt als naslagwerk voor de docent bij het behandelen van de Nederlandse rechtsstaat. Dit kan ondersteuning bieden bij het bespreken van het proces tegen Mohammed B., maar zal voor veel docenten onvoldoende zijn. Ook is de doelgroep van de brochure vrij onbestemd, dit maakt het lastig om de tekst te laten gebruiken door leerlingen.
De brochure is te leen in de Art.1-mediatheek , code 768.05.01.
Over het onderwijspanel
Het onderwijspanel ondersteunt Art.1 bij het beoordelen van onderwijs- en voorlichtingsmateriaal op het terrein van discriminatie- en racismebestrijding en interculturalisatie. In het panel zitten docenten, leerlingen en inhoudelijk deskundigen. Zij voorzien het materiaal van commentaar voor potentiële gebruikers in het voortgezet onderwijs en in het middelbaar beroepsonderwijs.






