mail a friend

english flag  german flag  french flag  spanish flag

Dossiers / Wetsvoorstel maatregelen..

Reactie aan Tweede Kamer

Wetsvoorstel maatregelen grootstedelijke problematiek

06.09.2005

Dossier: Huisvesting en verhoudingen in de buurt

Tags: gelijkebehandelingswetgeving, huisvesting, spreidingsbeleid

De wijzigingen die zijn doorgevoerd in het wetsvoorstel ‘Maatregelen grootstedelijke problematiek’ ook wel bekend als de ‘Rotterdamwet’, zijn volgens het LBR (nu Art.1) niet voldoende. In onderstaande reactie aan de Tweede Kamer pleitte het LBR ervoor het voorstel af te wijzen.

Op dinsdag 6 september 2005 bespreekt uw kamer het wetsvoorstel maatregelen grootstedelijke problematiek (30091). Met dit wetsvoorstel probeert de regering grote steden als Rotterdam tegemoet te komen in hun vraag naar meer instrumenten om achterstand te bestrijden.

Het LBR heeft op 21 juni 2005 een commentaar geschreven over het wetsvoorstel waarin discriminatoire aspecten van het voorstel aan het bod kwamen. Ondertussen is het voorstel op een aantal punten gewijzigd. Zo is voor de bepaling van wat een kansenzone is, het criterium allochtoon uit het voorstel verwijderd. Ook het inkomenscriterium van 120% is vervallen ten gunste van het criterium inkomen uit arbeid. Alhoewel deze wijzigingen in de ogen van het LBR verbeteringen zijn, zijn er nog steeds belangrijke bezwaren tegen invoering van het wetsvoorstel.

Alle belangrijke adviesorganen van de overheid hebben zich negatief over dit wetsvoorstel uitgelaten. Zowel de Commissie Gelijke Behandeling als de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling en het Sociaal Cultureel Planbureau hebben in hun adviezen aangegeven dat het beleid praktisch moeilijk uit te voeren is en bovendien de zwaksten in de samenleving treft. Het doel van deze wetgeving is om juist iets aan achterstand te doen. Als het resultaat tot het tegenovergestelde kan leiden dan is dat op zich al reden om deze wetgeving niet door te voeren.

Het LBR constateert dat er nog steeds onderscheid voortvloeit uit het wetsvoorstel maatregelen grootstedelijke problematiek. Indirect worden met name allochtonen en gehandicapten het slachtoffer van dit wetsvoorstel. Het gelijkheidsbeginsel van artikel 1 Grondwet verplicht de Staat om gelijke gevallen gelijk te behandelen. Indirect onderscheid kan daarbij alleen toegestaan worden als er een objectieve rechtvaardiging tegenover staat. De regering verklaart in de nota naar aanleiding van het verslag dat er sprake is van een objectieve rechtvaardiging. Het LBR kan zich niet vinden in de redenering, zoals die ook in de Memorie van Toelichting is opgenomen. Of in een concreet geval sprake is van objectieve rechtvaardiging moet worden nagegaan aan de hand van een beoordeling van het doel van het onderscheid en het middel dat voor het bereiken van dit doel is ingezet. Het doel dient legitiem te zijn, in de zin van voldoende zwaarwegend dan wel te beantwoorden aan een werkelijke behoefte. Een legitiem doel vereist voorts dat er geen sprake is van een discriminerend oogmerk. Het middel dat wordt gehanteerd moet passend en noodzakelijk zijn. Een middel is passend indien het geschikt is om het beoogde doel te bereiken. Het middel is noodzakelijk indien het doel niet kan worden bereikt met een middel dat niet leidt tot onderscheid, althans minder bezwaarlijk is, en het middel in evenredige verhouding staat tot het doel. Pas als aan al deze voorwaarden is voldaan levert indirect onderscheid geen strijd op met de gelijkebehandelingswetgeving.

Het huidige wetsvoorstel voldoet niet aan deze voorwaarden. Als er bij dit wetsvoorstel sprake is van een legitiem doel dan is het zeer de vraag of het middel geschikt is om het doel te bereiken. Er is immers nooit een verband aangetoond tussen inkomen en sociale samenhang. Verder is nooit voldoende aangetoond en aannemelijk geworden dat mensen zonder inkomen uit werk voor meer illegale bewoning en overlast zorgen. Naast het feit dat het voorgestelde middel niet geschikt is kan ook de noodzakelijkheid niet aangetoond worden. Er zijn namelijk alternatieven om het gestelde doel te bereiken. Hiervoor is bijv. door de gemeente Rotterdam een samenhangend regionaal totaal programma opgezet. Investeringen in achterstandswijken zullen op de middellange termijn tot een andere bevolkingssamenstelling moeten leiden.

Het LBR kan dus niet meegaan in de visie van de overheid dat er voor dit beleid een objectieve rechtvaardiging aanwezig is. Het LBR hoopt dan ook dan u de juridische tekortkomingen van het wetvoorstel maatregelen grootstedelijke problematiek zult aangrijpen om dit voorstel af te wijzen.

Hubert Fermina
Directeur LBR

Gerelateerde artikelen

 

 

> zoek

Discriminatie? Vind een meldpunt in uw buurt of BelGelijk 0900 - 2 354 354

 

Volg Art.1

Mediatheek

De mediatheek van Art.1 is te bezoeken op afspraak.
Neem contact op via het contactformulier of tel. 010 - 201 02 01.


Art.1 is onder meer verbonden aan: