Tien tips!
Omgaan met jongeren met rechts-extreme sympathieën in het jongerenwerk
20.07.2005
Dossier: Radicalisme en extremisme
Hieronder staan tien tips bestemd voor het jongerenwerk over hoe om te gaan met jongeren die rechts-extreme sympathieën hebben.
1.
Een goede aanpak van het probleem vereist de betrokkenheid van velen. Niet altijd zijn overheden en instellingen daartoe bereid. Het jongerenwerk is sterk afhankelijk van anderen. Op een aantal terreinen heeft het geen invloed. Dat is geen reden om bij de pakken neer te gaan zitten. Want je hebt wel invloed op het beleid binnen je eigen instelling en op je eigen opstelling.
2.
Zet in op gedrag. Veroordeel niet de persoon maar zijn of haar gedrag. Denken staat vrij ook al mag je niet alles zeggen of doen. Het veranderen van attitudes is ook veel moeilijker dan het veranderen van gedrag. Bedenk ook dat het bijna onmogelijk is een lid van extreemrechts of een geradicaliseerde moslim op andere gedachten te brengen en hoe contact met deze groep overkomt op de buitenwereld.
3.
Stel duidelijke regels en handhaaf deze ook consequent. Ook al is een white power-teken wettelijk niet verboden, binnen je instelling heb je een grote vrijheid in het bepalen van de huisregels. Als je Nederlandse vlaggetjes verbiedt, verbiedt dan ook Turkse etc.
4.
Schiet niet met een kanon op een mug. Diskwalificeer iemand niet direct als nazi of extremist. Relativeer en gebruik humor.
5.
Xenofobie, vooroordelen etc. zijn niet enkel het gevolg van foutieve en / of onvolledige informatie. Emoties en angsten spelen een prominente rol. Ben niet direct belerend, maar ga het gesprek aan. Geef daarbij wel duidelijke grenzen aan. Ben je er ook bewust van dat velen andere informatiebronnen gebruiken.
6.
Ben je bewust van je eigen opvattingen en vooroordelen.
7.
Rommel niet maar wat. Zoek waar nodig deskundige hulp en advies. Je hoeft het wiel niet uit te vinden, dat heeft meestal al iemand anders gedaan. Bespreek ook dingen met collegae.
8.
Erken het bestaan van jongerenculturen. Probeer niet te mixen wat niet te mixen valt. Maar werk ook niet mee aan onnodige segregatie.
9.
Maak gebruik van je aanzien en gezag.
10.
Vergeet de (potentiële) slachtoffers niet, maar ook niet degenen die zich normaal gedragen. Goed gedrag moet beloond worden.







