Recensie van het boek: Ethnic Stereotypes and Interethnic Relations
door Marco Camphens - 30.10.2002
Dossier: Beeldvorming
Wederzijdse beeldvorming van Turkse en Nederlandse wijkbewoners
In gebieden waar mensen met verschillende etniciteiten wonen, vindt aan beide kanten beeldvorming plaats. In dit boek beschrijft Roland Leeflang zijn onderzoek naar gemeenschappelijke relaties en stereotyperingen. De centrale vraag van dit onderzoek luidt: Wat zijn de verschillen en overeenkomsten tussen Nederlanders en Turken betreffende de inhoud, aard en determinanten van de gemeenschappelijke beelden.
Hij zocht antwoord op zijn vraag door kwalitatief onderzoek te doen onder 167 Nederlanders en 209 Turken. Het onderzoek vond plaats in een Rotterdamse en een Tilburgse wijk in de periode van mei 1998 tot april 1999. De wijken zijn gekozen omdat deze in een fase van stabiliteit verkeren waarin de etnische concentratie niet veel meer zal veranderen. In Rotterdam wordt de meerderheidsgroep gevormd door Turken en in Tilburg door Nederlanders. Van de wijken moet ook worden gezegd dat er een lokale, hechte gemeenschap aanwezig was vóór de komst van de migranten.
Leeflang trekt op grond van zijn onderzoek een aantal conclusies. Zo komt uit het onderzoek naar voren dat 9 procent van de ondervraagde Nederlanders zegt een negatieve houding heeft ten opzichte van Turken te hebben. Anders denken ze over andere leden van de eigen groep. Zij schatten dat 74 procent van de eigen groep een negatieve houding heeft ten opzichte van Turken.
Deze negatieve gevoelens worden vooral waargenomen als het gaat om lokale competitie en een potentieel conflict met de Turken in de wijk. Bij Turken zijn deze gegevens anders: 6 procent geeft aan negatief over Nederlanders te denken. Turken schatten dat slechts 18 procent van de eigen groep negatief over Nederlanders denkt. Gezegd kan worden dat de ondervraagde Turken positiever over Nederlanders denken dan andersom.
Het merendeel van de Nederlanders vindt zichzelf tolerant. Wel vinden zij dat Turken zich meer moeten aanpassen. Nederlanders kunnen geïrriteerd raken of zelfs boos worden over onaangepaste Turken. Zelf vinden Turken ook dat zij zich meer moeten aanpassen aan de Nederlandse samenleving. Vooral het leren van de taal wordt erg belangrijk gevonden. Turken ergeren zich aan het feit dat Nederlanders zich storen aan onbelangrijke zaken als hoofddoekjes en traditioneel gedrag van Turkse ouderen. De Turken vinden wel dat de Nederlanders tolerant zijn maar zouden graag wat meer respect en acceptatie ervaren.
De ondervraagde Nederlanders en Turken geven aan graag een Nederlander als buurman te hebben. Turken voelen het als scherpe afwijzing als Nederlanders uit een wijk vertrekken.
Leeflang ontdekte dat meer onderling contact niet automatisch leidt tot een beter samenleven. Uit het onderzoek blijkt dat de minderheidsgroepen (Turken in Tilburg, Nederlanders in Rotterdam) gelijke reacties vertonen. Zij voelen zich niet geaccepteerd en gaan negatiever over elkaar denken naarmate het contact toeneemt. Zij zijn er sterk van overtuigd dat de ander een slecht voorbeeld is voor de kinderen. Ook gaan zij ervan uit dat de ander de sfeer in de wijk verpest.
Wanneer Turken zich geaccepteerd voelen, hebben zij meer begrip voor de weerstand die Nederlanders voelen tegen bepaalde (onaangepaste) Turken. Hierdoor zijn zij ook geneigd zich minder van de Nederlanders af te keren.
Onderzoeker Leeflang stelt dat tolerantie afhangt van de graad van acceptatie en niet andersom. Dit baseert hij op zijn onderzoek waaruit blijkt dat als Nederlanders de Turken niet accepteren de tolerantie afneemt. De acceptatie hangt weer af de graad van aanpassing. Met deze wat vage cirkelredenering volgt hij zijn promotor, Shadid. Beide onderzoekers gaan uit van een dynamisch meerzijdig proces van integratie. Alle betrokken groepen houden in dit proces rekening met elkaar. 'Respect voor elkaar' en 'acceptatie van de ander' zijn voorwaarden die dit proces mogelijk maken.
Leeflang voegt een grote hoeveelheid tabellen toe aan het onderzoek waar de resultaten in worden beschreven. In de bibliografie zijn werken opgenomen van onder andere Shadid, Verkuyten en De Jong.
Over de auteur
Roland Lorenzo Ivan Leeflang is op 29 december 1954 geboren te Paramaribo. Hij is antropoloog / niet-westers socioloog. In dienst van de wetenschapswinkel van de universiteit van Tilburg en het Centrum voor de studie van Meertaligheid in de Multiculturele samenleving van de faculteit der Letteren heeft hij onderzoek gedaan. Op 11 september 2002 promoveerde hij op grond van dit onderzoek aan de Universiteit van Tilburg.
Ethnic Stereotypes and Interethnic Relations
A comparative study of the emotions and prejudices of Dutch and Turkish residents of mixed neighbourhoods
Roland L.I. Leeflang
ISBN: 0-72-725-40-9
205 pagina's






