Racisme in Nederland / Jaar in beeld 1999 / Inleiding
Positieve versus negatieve onwikkelingen
Het is mogelijk een positief en optimistisch beeld te schetsen over de stand van zaken in Nederland, eind 1999, wat betreft racisme en racismebestrijding. Bouwstenen voor zon positief beeld zijn eenvoudig op te sommen.
Het is ook mogelijk bouwstenen aan te dragen voor een minder positief beeld.
Antiracisme is kwetsbaar
Twee stellingen wat betreft de stand van zaken racisme in Nederland, 'het gaat goed' en 'het gaat slecht', staan hier tegenover elkaar. Met behulp van bovenstaande argumenten is voor beide stellingen iets te zeggen. Er dienen zich wel twee conclusies aan.
Ten eerste: het tegengaan van racisme en vooroordelen is een zaak van lange adem. Het beïnvloeden van maatschappelijke ontwikkelingen is niet gemakkelijk. Daarbij is het een onmiskenbaar voordeel dat het beginsel van non-discriminatie in Nederland onomstreden de norm is in het maatschappelijk verkeer. Zoals in Nederland in het algemeen menswaardigheid de norm is bij de beoordeling van menselijk handelen en maatschappelijke situaties.
Ten tweede: het draagvlak dat in Nederland bestaat voor antiracisme is kwetsbaar. Vooroordelen en racisme zijn licht ontvlambaar. Mondeling beleden positieve standpunten ten aanzien van bijvoorbeeld het recht op asiel blijken nogal eens beperkt houdbaar wanneer mensen in het persoonlijk of maatschappelijk leven werkelijk keuzes moeten maken.
Een vergelijking met maatschappelijke ontwikkelingen rondom een onderwerp als 'het milieu' dringt zich op: iedereen is voor milieubescherming en bijvoorbeeld een beter openbaar vervoer. Maar wanneer iemand wordt gevraagd 'de auto te laten staan' in het belang van het milieu, wordt het voor elk individu al een stuk moeilijker. Dit verschijnsel staat bekend als het NIMBY-effect: Not In My Back Yard.
Een vergelijkbaar effect is waarneembaar wanneer het om racisme en vooroordelen gaat. Buitenlanders in Nederland zijn geen probleem, maar zodra mensen het idee krijgen dat het ze iets zal kosten, of het ten koste zal gaan van het woongenot, verandert de zaak. NIMBY-gevoelens verklaren bijvoorbeeld dat iemand de stelling kan huldigen dat het recht op asiel o.k. is, zolang de asielzoekers niet bij hem of haar in de buurt worden gehuisvest.
<br/>
<hr>
Intermezzo
Ruim 3000 verzoeken
Om een goed inzicht te hebben in de eigen activiteiten en verantwoording af te kunnen leggen is een intern, deels gecomputeriseerd, registratiesysteem opgezet. Doordat de drie fusieorganisaties ADO, LBR en ARiC niet op identieke wijze registreerden is het moeilijk om voor het fusiejaar 1999 een volledig overzicht van de activiteiten te geven. Toch meent het LBR in onderstaande intermezzos een zinvol en getrouw beeld te geven van de manier waarop ruim 3000 verzoeken om informatie, advies begeleiding en/of ondersteuning zijn verwerkt.
<br/>
Intermezzo
Fusie LBR
1 juli 1999 openden de Minister voor Grote steden- en Integratiebeleid, de heer mr. R.H.L.M. van Boxtel, en de Burgemeester van Rotterdam, de heer mr. I.W. Opstelten het nieuwe kantoorgebouw van het LBR. Het LBR is ontstaan na een fusie van drie landelijke antiracisme-organisaties en heeft onderdak gevonden in een ruim pand in de directe nabijheid van het Centraal Station in Rotterdam. Voor de openingshandeling hield prof. dr. A.A. van Stipriaan Luïcius van de Erasmus Universiteit Rotterdam een rede over 1 juli, dag van de viering van de afschaffing van de slavernij. De feestelijke opening werd bijgewoond door zon 250 genodigden.
Een verheugende constatering na de fusie is dat veel organisaties in het LBR een (potentiële) partner zien. Een illustratie van de brede maatschappelijke positie van het LBR.
Bladerend door de agenda, een greep uit de contacten die plaatsvonden: Redactie Contrast, de Raad van Kerken, COC, Juristenkollektief Rotterdam, studentenorganisatie Societas Juridica in Leiden, Landelijk Bureau Leeftijdsdiscriminatie, Rotterdamse Gemeenteraadsleden, Stimulans, Gemeente Amsterdam wethouder voor minderhedenbeleid, MIXT, Clara Wichmann Instituut , ministerie Binnenlandse Zaken, Migrant Policy Group, Radar Amsterdam, Erasmus Universiteit Rotterdam, Poortje - Penitentiaire Instelling voor jeugd in Groningen, FORSA Groningen, ministerie van Justitie, Vereniging Nederlandse Gemeenten, Gedeputeerde Staten Zuid-Holland, vertegenwoordigers bedrijfsleven, gehandicaptenraad, ASN Bank, RABOBANK, kamerleden D66, CDA, GroenLinks, NCB, LIONS Rotterdam serviceclub, Gemeente Enschede/Hengelo, ministerie VWS, Rooms Katholiek Bisdom Rotterdam, De Balie, Anne Frank Stichting, Instituut voor Verslavingszorg en Allochtonen, ASF, Equality, Forum, ministerie van Onderwijs, COS Zwolle, NPS.
<br/>
Intermezzo
Een spiegel voor de stad
Het LBR verraste 150 Rotterdamse organisaties en ondernemingen met een verzilverde spiegel, waarop meer dan 6000 namen staan gezeefdrukt uit alle windstreken van de wereld. Het grote aantal voornamen op de spiegel weerspiegelt de diversiteit van de Nederlandse bevolking. Maar de spiegel vraagt ook aandacht voor de individuen die achter de namen schuil gaan: mensen kijken direct of zij bekende namen op de spiegel zien, en in de spiegel zien zij zichzelf terug.
De spiegels zijn mede gefinancierd door het Centrum voor Beeldende Kunst (CBK) en het bureau Migratie Integratie Participatie (MIP) van de gemeente Rotterdam en ontworpen door kunstenaar Milou van Ham.
De Rotterdamse wethouder H. Meijer ontving uit handen van Hubert Fermina de eerste spiegel.
<br/>
Intermezzo
De weg naar het LBR
Het nieuwe kantoor van het LBR is gemakkelijk bereikbaar. Het grootste deel van de mensen die het LBR benaderen komt echter niet daadwerkelijk bij het LBR langs. De meeste klanten worden geholpen door service via email, telefoon en per postverzending.
Het LBR heeft gemeten hoe mensen het LBR weten te vinden. Een groot deel van de klanten uit 1999 (38%) kende het LBR al. Zij waren al eerder klant van het LBR of een van de fusiepartners, of hadden in ieder geval een duidelijk beeld van wat het LBR te bieden heeft. Verder zijn veel klanten (16%) naar ons doorverwezen, onder meer door onderwijsinstellingen, antiracisme-organisaties en welzijnsinstellingen. Het is positief dat mensen via deze weg het LBR leren kennen. Van de klanten geeft 9% aan het LBR te kennen door een eigen publicatie van het LBR. Een geringer aantal mensen kent het LBR via de media of een publicatie over het LBR (4%). Het LBR start in 2000 een campagne om haar naamsbekendheid te vergroten.
<br/>
Intermezzo
Doelgroepen
In totaal werden in 1999 3026 aanvragen geregistreerd. Het betrof verzoeken van instellingen, individuen en groepen. De vragen varieerden van het lenen van boeken over slavernij tot een cursus reageren op vooroordelen voor verpleegkundigen.
Opvallend is de grote diversiteit in de klantgroepen die door het LBR worden bereikt. De grote categorieën vragenstellers zijn afkomstig uit het onderwijs, antiracisme-organisaties, welzijns- en jongerenwerk, overheid, justitie en politie en media.
Van de vragenstellers was 32% op enigerlei wijze verbonden aan educatieve instellingen: verbonden aan het voortgezet onderwijs was 12%, 10% aan het HBO of aan een universiteit, 4% aan onderwijs-/trainingsinstellingen, 4% aan het basisonderwijs en 3% aan het MBO. Gezien het belang dat algemeen wordt gehecht aan samenwerking tussen het onderwijs en antiracisme-organisaties, zijn bovengenoemde percentages verheugend.
Een andere belangrijke doelgroep zijn de diverse antiracisme-organisaties. Van hen kwam 11% van de aanvragen, de meeste daarvan van Antidiscriminatie Bureaus. Zij kregen ondersteuning in de vorm van cursussen, uitleg over het registratieprogramma voor klachten, juridisch advies, voorlichting en materialen.
Vanuit het welzijnswerk en jongerenwerk kwam 9% van de vragen. Meer dan de helft van deze aanvragers werkte met jongeren aan het thema racisme. Eveneens 9% van de vragen kwam van particulieren.
Van overheid, justitie en politie kwam 6% van de vragen. Vanuit de media 4%. Klantgroepen die elk iets minder dan 4% scoorden waren migrantenorganisaties, vluchtelingenorganisaties, het bedrijfsleven, vakbonden, de gezondheidszorg, levensbeschouwelijke instellingen en boekhandels en bibliotheken.
Gekeken naar de geografische herkomst van de vragenstellers, is een groot deel afkomstig uit de randstad, ruim 40%, inclusief de grote steden Amsterdam (6%), Rotterdam (13%) en Den Haag (4%). Buiten de randstad scoorden Noord-Brabant (10%), Gelderland (6%), Limburg (5%) en Overijssel (4%) hoog. Van de vragen kwam 4% uit het buitenland.
Overigens kwamen eind 1999 voor het eerst meer vragen per email dan per telefoon binnen. Dit hangt samen met de groei van het internetverkeer en de groei van het aantal bezoekers van www.lbr.nl, de website van het LBR. Deze is overigens zo ingericht dat veel informatie en antwoorden op standaardvragen direct voor de websitebezoeker toegankelijk zijn. De klanten die op deze wijze gebruik maken van de LBR-website 19.012 in 1999! blijven, behalve als getelde bezoeker, verder voor ons onbekend. Een goede website levert meer specifieke en minder algemene vragen op.
<br/>
Intermezzo
Advisering en deskundigheidsbevordering
De expertise van LBR-medewerkers - met de opgeslagen kennis in het documentatiecentrum onder handbereik - is de basis voor de adviezen van het LBR in uiteenlopende kwesties. In 1999 was het LBR bijvoorbeeld betrokken bij een honderdtal projecten en multiculturele manifestaties. Voorbeelden hiervan staan beschreven in de onderstaande tekst.
Een vijftigtal adviezen werd gegeven met betrekking tot het ontwikkelen van beleid, bijvoorbeeld inzake gedragscodes, personeelsbeleid, gemeentelijk antidiscriminatiebeleid en wijk- en buurtbeheer. Verschillende adviesvragen kwamen vanuit de zorgsector en psychiatrie waar verpleegkundigen te maken hadden met discriminerende opmerkingen van patiënten. Niet eenvoudig op te lossen, soms emotionele, vragen kwamen van medewerkers van asielzoekerscentra en Antidiscriminatie Bureaus waar sprake was van een agressieve reactie van buurtbewoners op de komst van asielzoekers.
Het LBR had contact met vertegenwoordigers van de gemeenten Vught, Elst en Kollum over de in die gemeenten ontstane situaties. Onderwerp van gesprek was het beleid van de gemeenten en beeldvorming over asielzoekers.
Tweeëndertig maal werd een antiracisme-initiatief ondersteund. Zo kwam een delegatie scholingsmedewerkers van IG Metall uit Duitsland op bezoek. Daar is een samenwerkingsprogramma voor de zomer van 2000 uit voortgekomen.
Zestien maal werd advies gegeven aan materiaalontwikkelaars. Onder meer werd meegewerkt aan de voor de politie ontwikkelde TELEAC-serie 'Leidinggeven aan een kleurrijk korps' die in het voorjaar van 2000 is uitgezonden.
Het LBR heeft goede betrekkingen met de op beeldvorming gerichte stichting Imago Mundi en het Wereldmuseum in Rotterdam. Een LBR-medewerkster heeft zitting in het bestuur van Imago Mundi dat in 1999 onder meer een conferentie en uitgebreide tentoonstelling organiseerde over reclame en beeldvorming.
Voorbeelden van verzorgde inleidingen en dagvoorzitterschappen
Cursussen en workshops voor medewerkers van Antidiscriminatie Bureaus
Voorbeelden van cursussen en workshops voor andere organisaties en instellingen in 1999
Lezingen
Naast de LBR-lezing, '1 juli: tussen symbool en actualiteit', bij de opening van het LBR uitgesproken door professor Alex van Stipriaan, zijn er tweemaal LBR-themabijeenkomsten gehouden in de Rotterdamse Kunstenaarssociëteit De Illusie. De themabijeenkomsten waren georganiseerd voor mensen die beroepsmatig betrokken zijn bij het tegengaan van racisme en gericht op het uitwisselen van ideeën en ervaringen.
John Schuster verzorgde de lezing 'Vreemdelingen, tussen staatsburgers en buitenlanders'. Naar aanleiding van zijn proefschrift, 'Poortwachters over immigranten; het debat over immigratie in het naoorlogse Groot-Brittannië en Nederland'.
Wiebe de Jong, onderzoeker aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, ging in zijn lezing in op de vraag wat inzichten uit sociaal-wetenschappelijk onderzoek kunnen betekenen voor de praktijk van antiracisme.
<hr>
<br/>
« Voorwoord
p>. Racisme meten »